07-05-12

Over de 'onafhankelijkheid' en 'onpartijdigheid' van de rechter

Just.DeTandt.jpg

Er is veel te veel vermenging tussen de rechterlijke macht, het openbaar ministerie, en de kabinetten. Magistraten die op kabinetten werken en van daaruit promotie krijgen zijn geen uitzondering. Wat mij vooral zorgen baart in de Fortis-zaak én meer in het algemeen is de rol en de macht van het Openbaar Ministerie, het parket. U weet dat de strafvervolging in ons land de taak is van de magistraten van het openbaar ministerie. Dat zijn geen rechters, hoewel ze dus ook magistraten worden genoemd. Dat alleen al tekent de fundamentele dubbelzinnigheid van dat Openbaar Ministerie in ons bestel. Het is een organisatie die met al zijn tentakels in de rechterlijke macht zit, maar tegelijkertijd niet bestaat uit onafhankelijke rechters. Het is een beetje een staat in de staat, die de scheiding der machten doorkruist. 

Hier is er helemaal geen duidelijke scheiding der machten: ten aanzien van het openbaar ministerie gelden noch de regels en garanties van de rechterlijke macht noch die van de uitvoerende macht. Erger nog, dat openbaar ministerie controleert ten dele de rechterlijke macht. Maar de parketmagistraten zijn geen rechters, zijn niet onafhankelijk: het parket is hiërarchisch georganiseerd. Er is een college van procureurs-generaal dat het beleid bepaalt, onder voorzitterschap van de Minister van justitie. Dat is al een eerste probleem: eigenlijk beslist de uitvoerende macht wat men wil vervolgen of niet, d.w.z. welke wetten men wil afdwingen en welke niet. Is dat dan niet de bevoegdheid van het parlement veeleer dan van de regering ? In Hongarije bv. wordt het openbaar ministerie door het parlement benoemd en moet het verantwoording afleggen aan het parlement, niet aan de regering (art. 52 Hongaarse Grondwet).

Maar nog gevaarlijker is de vermenging van het openbaar ministerie met het gerecht zelf. Een groot deel van de rechters zijn voormalige parketmagistraten. Het parket kan een rechter het leven erg zuur maken, althans een strafrechter. Het openbaar ministerie staat wel onder controle van de minister van justitie, maar kan ook erg veel op eigen houtje doen. En het openbaar ministerie ziet het als zijn taak om het land te redden.

Uit dit alles blijkt dat er in de praktijk veel te veel gaten zijn in de “wall of separation” tussen regering en rechterlijke macht en met name via de dubbelzinnige positie van het openbaar ministerie, dat m.i. volledig zou moeten worden losgekoppeld van de rechterlijke macht, maar ook onafhankelijker zou moeten zijn van de regering en in plaats daarvan veeleer door het parlement zou moeten worden gecontroleerd.

http://www.nieuwpierke.be/forum_voor_democratie/nl/node/391

Foto: Francine De Tandt, voorzitster van de Brusselse rechtbank van koophandel